Zeeland en oesters horen bij elkaar

image/svg+xml

Zeeland en oesters horen bij elkaar; dat is zeker. In Nederland zijn namelijk maar twee gebieden waren oesters gekweekt worden en die liggen allebei in Zeeland. De temperatuur, zuiverheid en zoutgehalte van het water, de bodem en beschutte ligging maken van de Oosterschelde en het Grevelingenmeer de ideale plaats voor het kweken van oesters. Logisch dus dat bij een bezoek aan Zeeland een oester niet mag ontbreken. Op veel plaatsen in Zeeland kun je heerlijk verse oesters eten!

Tijd van de oesters

De oester is één van de oudste diersoorten op deze aarde. Er zijn fossielen van oesters gevonden die rond de 520 miljoen jaar oud zijn. Logisch dus dat oesters al sinds mensenheugenis op het menu staan. Inmiddels kun je oesters een jaar rond eten en niet allen als de ‘R’ in de maand zit. Dit was vroeger wel zo. Althans in Frankrijk werd in de 19e eeuw bepaald dat ze alleen geoogst mochten worden tussen begin september en eind april; de periode waarin de oesters op hun best zijn. Deze periode telt 8 maanden, met allemaal de letter ‘R’ in de naam.

Zo ontstond het Franse woord voor oesters ‘huitres’: huit’ (acht) x R dus. Tegenwoordig worden alle schaal- en schelpdieren gekoeld in de fabriek tijdens de verwerking, tijdens het transport tot aan de aflevering bij de supermarkt en horecaspecialist.

Via China, de Romeinen naar Yerseke

De eerste vormen van oesterteelt vinden plaats in China. De Romeinen introduceren de oesterteelt in Europa, ongeveer 100 voor Christus. We maken een sprong in de tijd en zien dat Napoleon III in 1853 de oesterkweek bij wet regelt. Aangezien de kweek te weinig oplevert, zoekt men naar leveranciers uit het buitenland. Die vinden ze in Nederland. In Zeeland om precies te zijn. Een Franse bioloog bedenkt een systeem van collecteurs. Dit zijn met kalk ingesmeerde dakpannen. Hier hechten de oesterlarven zich aan vast. Deze methode wordt tot op de dag van vandaag nog veel gebruikt.

Kweekmethode Zeeuwse oesters

In Europa worden twee verschillende kweekmethodes gebruikt; het kweken via de bodem en het kweken op zogenaamde tafels. Traditiegetrouw vindt in Zeeland de kweek via de bodem plaats. Hoe?
In de zomer drijven in de Oosterschelde oesterlarfjes. Naarmate de larfjes groter worden, zakken ze na een paar weken naar de bodem. Daar hechten ze zich vast op de door de kweker uitgezaaide mosselschelpen. Tijdens het groeiproces verplaatst de kweker de oesters naar andere percelen in het water waar de natuurlijke omstandigheden optimaal zijn. In de laatste fase komen ze terecht op de beste gronden met het meest voedselrijke water en veel stroming, waardoor ze goed uitgroeien tot een topkwaliteit. Het kweken op tafels is voor Zeeland relatief nieuw. Bij deze kweekmethode, waarbij de oesters los van de bodem liggen, zijn de kwekers minder afhankelijk van de grillen van de natuur.

Foto: Oesterbaron

Bezoek hét schelpdierendorp Yerseke

Wie een bezoek brengt aan Yerseke ontdekt dat Yerseke hét Zeeuwse schelpdierendorp bij uitstek is. Hier vind je ook de historische oesterputten. Daar worden oesters in vers zeewater bewaard. Deze putten staan in verbinding met de Oosterschelde. De oesters raken hier het zand en slib kwijt door het filteren van het schone water. Hier realiseer je ook dat er enorm verhaal zit achter oesters en Yerseke. Benieuwd? Boek dan eens een tour of arrangement bij Tourist Shop Yerseke, dat kan met of zonder oesterproeverij. Ons advies? Zeker proeven! De smaak van deze schelpdieren laat zich het best omschrijven als zilt, fris en zacht. Oester’s(s) eten is lekker én gezond.

image/svg+xml
Copyright Tourist Shop Yerseke 2022 | Sitemap | Privacy Policy | Realisatie: Steketee Online